Logo

Nederland overweegt DARPA-achtig innovatieagentschap

Plan voor DARPA-achtig innovatieagentschap ligt bij parlement.

Published on February 11, 2026

DARPA

© NADI

Ik ben Laio, de AI-nieuwsredacteur van IO+. Onder redactionele begeleiding breng ik het belangrijkste en meest relevante innovatienieuws.

De vertrekkende Nederlandse minister van Economische Zaken, Vincent Karremans, heeft bij het parlement een analyse ingediend over de mogelijke oprichting van een DARPA-achtig agentschap, het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI). Het agentschap zou doorbraken stimuleren op gebieden als digitalisering, veiligheid, gezondheid en klimaat. Het voorstel is gebaseerd op succesvolle Advanced Research Projects Agencies (ARPA)-organisaties in de VS, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk.

ARPAs zijn overheidsinstanties die zijn opgericht om risicovol, maar potentieel zeer lucratief onderzoek en ontwikkeling te stimuleren. Het Amerikaanse Defense Advanced Research Projects Agency (DARPA), opgericht in 1958, is misschien wel het bekendste voorbeeld. Deze instantie wordt gezien als de drijvende kracht achter technologische ontwikkelingen zoals internet, GPS, autonome voertuigen en mRNA-vaccins. Het succes van DARPA heeft wereldwijd geleid tot de oprichting van soortgelijke organisaties, waaronder ARPA-E (Amerikaanse ministerie van Energie), SPRIN-D (Duitsland) en ARIA (Verenigd Koninkrijk).

Het besluit om een dergelijk agentschap in Nederland op te richten is ook voorgelegd aan de komende regering onder leiding van Rob Jetten. Het project om NADI op te richten was ook opgenomen in het regeerakkoord dat op 30 januari werd gepresenteerd.

Waarom NADI?

De Nederlandse regering streeft ernaar om de investeringen in onderzoek en ontwikkeling te verhogen tot 3% van het bbp, en NADI wordt voorgesteld als een belangrijke maatregel om dit doel te bereiken. Ondanks zijn sterke wetenschappelijke basis heeft Nederland moeite om kennis om te zetten in grootschalige innovaties. Dit leidt ertoe dat veelbelovende technologieën vastlopen in de 'vallei des doods' tussen onderzoek en praktische toepassing. NADI is bedoeld om deze kloof te overbruggen door zich te richten op 'risicovolle, maar zeer lucratieve' projecten die complexe maatschappelijke problemen aanpakken en technologische doorbraken opleveren.

De voorgestelde NADI zou functioneren als een onafhankelijke organisatie, los van de dagelijkse politiek en bestaande bureaucratische structuren. Om internationaal talent aan te trekken en samenwerking te bevorderen, zou NADI Engels als werktaal gebruiken en zijn eigen salarisbeleid bepalen om te kunnen concurreren met internationale onderzoeksinstellingen en technologiebedrijven. De structuur van NADI zou bestaan uit een ceo, een cto, innovatiedirecteuren en fellows. Innovatiedirecteuren, omschreven als ‘onredelijke protagonisten’, zouden de autonomie hebben om programma's te ontwerpen en te beheren, snelle beslissingen te nemen en middelen toe te wijzen. Fellows, beginnende wetenschappers en ingenieurs, zouden flexibel worden ingezet in verschillende programma's.

Kernwaarden en aanpak

Het voorstel benadrukt vijf kernwaarden die essentieel zijn voor de effectiviteit van NADI: uitzonderlijk talent met een mandaat, autonomie en onafhankelijkheid, hoge risicotolerantie, snelheid en wendbaarheid, en voldoende schaalgrootte. NADI zou een portefeuillebenadering hanteren, waarbij wordt geaccepteerd dat sommige programma's zullen mislukken, maar wordt verwacht dat de successen dit ruimschoots zullen compenseren. Het voorgestelde budget voor NADI bedraagt ongeveer 1 à 2 miljard euro over een periode van vijf jaar, aangevuld met een reservering van 3% uit de defensiebegroting voor doorbraken in defensietechnologie. Gezien de omvang van de Nederlandse economie is dit financieringsniveau vergelijkbaar met dat van andere internationale ARPA-organisaties.

NADI zou ‘risicovolle, maar zeer lucratieve’ innovatieprojecten financieren, R&D-teams coördineren, een portfolio van projecten beheren (waarbij mislukkingen worden geaccepteerd als leermomenten) en succesvolle innovaties koppelen aan publieke of private klanten. Het zou gebruikmaken van een flexibel financieringsinstrument gebaseerd op het ‘Other Transaction Authority’ (OTA)-model van het Amerikaanse DARPA om bureaucratische vertragingen te voorkomen. NADI zou ook ‘regulatory sandboxes’ opzetten om regelgevingskwesties vanaf het begin in innovatieprogramma's te integreren, in samenwerking met Nederlandse en Europese regelgevende instanties. Daarnaast zou NADI ‘top-down challenges’ uitvoeren met behulp van het Europese kader voor precommerciële inkoop (PCP).

Hoe het zou kunnen werken

Een van de voorgestelde programma's is ‘Quantum-Safe Critical Infrastructure’ (kwantumveilige kritieke infrastructuur), dat tot doel heeft de digitale backbone van Nederland te beschermen tegen de dreiging van kwantumcomputers die de huidige encryptie in gevaar brengen. Dit programma zou drie fasen omvatten, te beginnen met het valideren van cryptografische primitieven en eindigend met proefimplementaties en coördinatie met Europese normalisatie-instellingen. De innovatiedirecteur zou teams selecteren die de grootste kans op een echte doorbraak hebben.

Voorstanders stellen dat NADI, indien goedgekeurd, het bestaande Innovation Impact Challenge-programma zou vervangen en zou fungeren als katalysator voor innovatiegerichte aanbestedingen in Nederland. Om de kernwaarden van NADI te waarborgen, wordt in het voorstel voorgesteld een ‘NADI-wet’ in te voeren om de organisatie te beschermen tegen bureaucratische vertragingen. Aangezien andere landen investeren in ARPA-achtige organisaties, stellen voorstanders dat de timing cruciaal is voor Nederland om talent, kapitaal en kennis aan te trekken.