De future of compute is een opschalingsvraagstuk voor Nederland
Tijdens het Holland High Tech Networking Event betoogde Freeke Heijman-te Paske dat 'Future of Compute' een strategische kwestie is.
Published on June 20, 2026
Freeke Heijman-te Paske en Simone van Trier, © Igor Vermeer
Medeoprichter van Media52 en hoogleraar Journalistiek, bouwt aan IO+, events en Laio, met focus op commerciële kansen—en blijft schrijven voor IO+.
Freeke Heijman-te Paske presenteerde de toekomst van compute niet als een verre, abstracte horizon. Ze bracht het terug tot een heel concrete ervaring uit het Delftse kwantum-ecosysteem. Ze komt daar aan in haar elektrische auto, wil opladen, en soms kan dat niet. Waarom niet? Omdat de stroom nodig is voor kwantum. Het was een kleine anekdote, maar ze vatte de grotere boodschap van haar bijdrage aan het Holland High Tech Networking Event goed samen: de vraag naar rekenkracht groeit dramatisch, en die groei lossen we niet op met meer van hetzelfde.
De toekomst van compute draait in haar verhaal om nieuwe architectuur en nieuwe paradigma’s: kwantum computing, advanced semiconductors, geïntegreerde fotonica, neuromorphic computing en de bredere stack daaromheen. Dat zijn geen modieuze labels. Het zijn antwoorden op een structureel probleem. AI, digitalisering, simulatie, defensie, industrie en wetenschap vragen allemaal om meer rekenkracht. Tegelijkertijd wordt energieverbruik een beperkende factor. “De vraag naar rekenkracht groeit dramatisch,” zei ze. “Dus moeten we innoveren om ervoor te zorgen dat we die kunnen leveren.”
.png&w=2048&q=75)
Daarmee is compute zowel een economische als een strategische kwestie. Nederland heeft al een control point van wereldklasse in de mondiale halfgeleiderketen: ASML. Heijman-te Paske noemde dat expliciet “fantastisch”, omdat het Nederland hefboomkracht geeft. Maar één control point is niet genoeg. Voor de volgende fase heeft Nederland volgens haar meer technische en strategische posities nodig in de waardeketen. Compute gaat niet alleen over chips; het gaat over het geheel van enabling technologies, componenten, systemen, sensoren, software en integratiecapaciteiten die bepalen wie de volgende generatie digitale infrastructuur kan bouwen, opschalen en controleren.
Haar boodschap was daarom niet alleen zorgelijk, maar ook optimistisch. Het Nederlandse ecosysteem op dit terrein is sterker dan het zelf vaak hardop durft te zeggen. Heijman-te Paske verwees naar onderzoek naar een cohort van 65 bedrijven die actief zijn in domeinen als quantum, fotonica, neuromorphic computing en advanced semiconductors. Deze startups en scale-ups groeien snel. Ze noemde de recente grote Series B-ronde van QuantWare als zichtbaar voorbeeld van dat momentum. Het kapitaal dat deze groep aantrekt is aanzienlijk, zei ze, en ook het aandeel binnen het Europese techkapitaal groeit. “We hebben hier iets in handen.”
Van lab naar fab
Die zin kan dienen als kantelpunt in haar verhaal. Nederland heeft hier iets in handen: kennis, bedrijven, talent, infrastructuur en een hightech-ecosysteem waarin al veel onderdelen van de toekomstige compute-stack aanwezig zijn. Maar iets hebben is niet hetzelfde als het omzetten in industriële kracht. De kloof die Heijman-te Paske benoemde, is bekend in de Nederlandse deeptechwereld: de vroege fase werkt relatief goed. Bedrijven starten vanuit sterke onderzoeksomgevingen lukt steeds beter. Beleidsinstrumenten, netwerken en ondernemerscultuur zijn verbeterd. Maar de opschalingsfase is moeilijker. “Van lab naar fab moeten we echt een tandje bijzetten,” zei ze.
Die uitspraak geeft haar verhaal urgentie. Future compute wacht niet op nóg een strategiedocument. Het vraagt om uitvoering. Gevraagd of ze optimistisch is dat Nederland die kloof kan dichten, wees Heijman-te Paske op het groeiende gevoel van urgentie, de Nationale Technologie Strategie en de agenda’s die nu worden neergezet. De richting is duidelijker dan voorheen. De volgende stap is handelen. Haar doel, zei ze, zou zijn om “te stoppen met papers schrijven” en te gaan uitvoeren.
In die zin paste haar bijdrage naadloos in de bredere toon van het Holland High Tech-event. Veel sprekers spraken over versnelling, strategische autonomie en publiek-private samenwerking. Heijman-te Paske vertaalde die thema’s naar het compute-domein. Als compute de motor wordt onder AI, industrie, defensie en wetenschappelijke ontdekking, kan Nederland het zich niet veroorloven kwantum, fotonica, advanced semiconductors en neuromorphic computing als losse eilanden te behandelen. De waarde zit juist in de verbindingen.
Dat was ook haar slotboodschap aan de hightechgemeenschap in de zaal. Het ecosysteem bevat al veel van de noodzakelijke elementen. De opdracht is om die beter met elkaar te verbinden. “We hebben de kabels nodig, we hebben de sensoren nodig, AI, de hele stack,” zei ze. De call to action is niet per se om een nieuwe instelling, stichting of regeling te bouwen. Het gaat erom “de muren weg te halen” tussen bestaande initiatieven en de interconnectie te organiseren.
Dat is een pragmatische boodschap, maar ook een veeleisende. Ze vraagt onderzoekers om voorbij het lab te denken, startups om zich voor te bereiden op industrialisatie, gevestigde bedrijven om hun waardeketens te openen, en beleidsmakers om instrumenten te ontwerpen die niet ophouden zodra een bedrijf is opgericht. Future compute vraagt om meer dan wetenschappelijke excellentie. Het vraagt om productiecapaciteit, energiebewustzijn, positie in de supply chain, systeemintegratie en de bereidheid om op te schalen.
Tastbaar
Het belang van Heijman-te Paskes bijdrage is dat ze compute tastbaar maakte. Het is geen onzichtbare laag ergens achter AI-toepassingen. Het is de stroom die ervoor kan zorgen dat een auto niet kan opladen. Het is het ASML-achtige control point dat in de volgende technologiegeneratie wel of niet bestaat. Het is de groep van 65 bedrijven die kan uitgroeien tot een nieuw industrieel cluster, of kan blijven steken als veelbelovende verzameling startups. Het is het verschil tussen goed zijn in uitvinden en sterk zijn in produceren.
Voor Nederland doet dat verschil ertoe. In een wereld waarin rekenkracht een strategische hulpbron wordt, is future compute niet zomaar een technologieagenda. Het is een agenda voor economische soevereiniteit. De ingrediënten zijn aanwezig, maakte Heijman-te Paske duidelijk. Nu moeten ze worden verbonden, opgeschaald en zichtbaar gemaakt. De toekomst van compute wordt niet gewonnen door wie alleen de wetenschap begrijpt. Ze wordt gewonnen door wie die wetenschap kan omzetten in een werkend, energiebewust en strategisch relevant industrieel ecosysteem.
