Logo

Warmtetransitie loopt vast: Zuid-Holland vraagt om ingrijpen

Van Utrecht tot Friesland stranden warmteprojecten op financiële risico’s. Een nieuwe landelijke monitor bevestigt zorgen uit Zuid-Holland.

Published on October 9, 2026

© Vincent Basler

© Vincent Basler

Team IO+ selecteert en brengt de belangrijkste nieuwsverhalen over innovatie en technologie, zorgvuldig samengesteld door onze redactie.

De waarschuwing van Zuid-Holland dat de warmtetransitie dreigt stil te vallen, staat niet op zichzelf. In Utrecht is een geplande overstap op een warmtenet afgeblazen, in Friesland is een bewonersinitiatief definitief gestopt en in Amsterdam vragen initiatiefnemers van een publiek warmtebedrijf om betere financiële voorwaarden. Het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) waarschuwde op 7 oktober eveneens dat de uitvoering landelijk dreigt te stokken.

Bestuurders uit Zuid-Holland ondertekenden op 8 oktober tijdens het Warmtecongres een manifest voor snellere ontwikkeling van collectieve warmte. Volgens het bijbehorende persbericht staan verschillende projecten klaar voor een investeringsbesluit, maar ontbreken nog de voorwaarden om daadwerkelijk door te kunnen gaan.

De regio’s Holland Rijnland, Delft, Gorinchem, Oostland en Drechtsteden kunnen volgens gedeputeerde Arno Bonte binnen een jaar een investeringsbesluit nemen over grote warmteprojecten. De gezamenlijke ambitie omvat circa een miljoen huishoudens, bijna 30 miljoen vierkante meter bedrijvenoppervlak en 4.000 hectare glastuinbouw.

“Als die uitblijven, vallen kansrijke warmteprojecten stil”, zegt Bonte over de benodigde voorwaarden vanuit het Rijk. De bestuurders vragen financiële steun voor projecten die snel kunnen starten, investeringen in regionale verbindings- en systeemleidingen en tempo bij de overgang van private naar publieke warmtebedrijven.

Utrecht: aardgasvrij vóór 2030 niet meer haalbaar

Wat in Zuid-Holland dreigt, is in Utrecht al gebeurd. Gemeente Utrecht, Eneco en woningcorporaties concludeerden in april 2024 dat de aansluiting van Overvecht-Noord op een warmtenet te duur was. De samenwerking werd beëindigd.

De gemeente had ingezet op een gratis overstap en een korting op de energierekening. Dat bleek niet haalbaar. Volgens de actuele gemeentelijke informatie gaat ook de oorspronkelijke bedoeling om de wijk vóór 2030 aardgasvrij te maken niet door. Utrecht werkt aan een nieuw plan voor de hele wijk.

Friesland: financiële risico’s nekken bewonersinitiatief

In het Friese Heeg is het coöperatieve warmteproject Warm Heeg deze zomer definitief gestopt. Het plan voorzag in warmte uit oppervlaktewater, gecombineerd met warmte-koudeopslag, en kon maximaal 1.115 woningen bedienen.

Volgens Warm Heeg vond de gemeente Súdwest-Fryslân de financiële risico’s van garantstelling te groot. Daarna is nog een jaar onderzocht of andere overheidspartijen risico’s konden helpen afdekken. Zonder resultaat. Nieuwe Warmte Nu, het programma waaraan het project deelnam, meldt dat het project op 1 juli 2026 is gestopt.

Daarmee laat Heeg zien dat ook een bewonersinitiatief met vergevorderde plannen kan stranden op de verdeling van financiële risico’s.

Amsterdam: publieke regie vraagt ook betaalbare aansluitingen

In Amsterdam speelt een vergelijkbare discussie over de financiële randvoorwaarden. De gemeente, Alliander en Nationale Deelneming Warmte, een dochter van EBN, tekenden in april 2026 een ontwikkelingsovereenkomst voor een publiek warmtebedrijf.

Alliander benadrukte daarbij dat een volgende stap alleen mogelijk was als het Rijk de betaalbaarheid van aansluitingen structureel verbetert. Bestaande subsidies zijn volgens de deelnemende partijen versnipperd over doelgroepen, waardoor voor één warmtenet verschillende regelingen moeten worden aangevraagd. Meer publieke regie neemt die financiële knelpunten dus niet vanzelf weg.

Ruim een derde van onderzochte projecten vertraagd of stopgezet

De lokale voorbeelden passen bij het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026, dat Berenschot maakte in opdracht van Stichting Warmtenetwerk en NPLW. Het onderzoek omvat input van 44 gemeenten, 26 woningcorporaties, vijf warmtebedrijven en 2.850 bewoners met een warmtenetaansluiting.

Het rapport beschrijft 150 projecten in ontwikkeling, samen goed voor meer dan 560.000 geplande aansluitingen. Tegelijk loopt 37 procent van de projecten vertraging op of wordt stopgezet. Financiering, betaalbaarheid en acceptatie blijven knelpunten. De cijfers betekenen niet dat 37 procent van alle Nederlandse warmtenetten stilligt: ze gaan over de projecten in dit onderzoek.

De nieuwe Monitor Lokale Warmtetransitie, gepubliceerd op 7 oktober, bevestigt het bredere probleem. Volgens NPLW zijn businesscases voor warmtenetten zonder extra financiering niet sluitend. Gemeenten missen bovendien op sommige plekken technische, juridische en financiële expertise. Voor wijken die volledig elektrisch willen verwarmen, zorgt netcongestie juist voor uitstel.

Warmte en stroom moeten samen worden bekeken

Zuid-Holland vraagt daarom ook om warmtenetten te erkennen als algemene voorziening die het elektriciteitsnet kan ontlasten. Door beschikbare restwarmte en aardwarmte te benutten, kan de behoefte aan individuele elektrische verwarming afnemen, stellen de bestuurders.

Ook NPLW vraagt om collectieve warmte waar mogelijk voorrang te geven bij een netaansluiting. Daarnaast noemt het programma zekerheid over bewonerstarieven, eenvoudigere subsidieregelingen en duidelijkheid over financiering na 2030 als voorwaarden voor voortgang.

Er bestaat al ondersteuning: de Warmtenetten Investeringssubsidie heeft voor de lopende aanvraagronde een budget van 200 miljoen euro. Aanvragen zijn mogelijk tot en met 30 november 2026. De oproepen uit Zuid-Holland en elders laten echter zien dat de betrokken partijen meer nodig achten om projecten uitvoerbaar én voor bewoners betaalbaar te maken.