Vleesburger, maar 30% plantaardig: hybride is de toekomst
Meatless wil de vleesindustrie verduurzamen door plantaardige ingrediënten toe te voegen aan burgers, gehaktballetjes en kipschnitzels.
Published on October 5, 2026

Bron: Merel Tuk
Onze DATA+ expert en hoofdredacteur Elcke Vels duikt in AI, cyber security en innovatie. In haar ‘What if…’ column verkent ze gedurfde scenario’s buiten de status quo.
De vraag naar vlees blijft stijgen, maar de planeet kan die groei niet aan. Meatless lost dit op met hybride producten: een mix van vlees en planten. Zo ontstaat een product dat qua smaak, textuur en voedingswaarde dicht bij het oorspronkelijke product blijft. Geen radicale ommezwaai, maar een geleidelijke verschuiving naar minder vlees. Elcke Vels van IO+ kreeg een exclusieve rondleiding in de Meatless-fabriek in Zeeland. De persreis werd georganiseerd door New Dutch.
Het is een eindje rijden, maar dan heb je ook wat. Onze groep journalisten wordt hartelijk ontvangen bij de fabriek in Goes, Zeeland. Na een presentatie is het tijd om het productieproces met eigen ogen te bekijken. We krijgen een rood haarnetje en een blauwe labjas aangereikt.
Eenmaal op de fabrieksvloer ruik ik een bekende geur: rijst. Niet de bescheiden hoeveelheid die ik thuis normaal in een pannetje op het fornuis kook. Op een brede transportgoot glijdt de rijst door de fabriek. Even verderop wordt hij verwerkt tot een soort vlokken. De textuur begint al verdacht veel op die van een vleesvervanger te lijken. We krijgen het resultaat te proeven. “Ik proef eigenlijk helemaal niets”, zeg ik tegen onze rondleider. Dat is precies de bedoeling, antwoordt hij. Rijst heeft van zichzelf geen uitgesproken smaak en is daardoor een ideale basis voor hybride producten.
“Onze bestverkochte grondstof op dit moment is rijst. Het is wit van kleur, heeft geen bijsmaak en is hypoallergeen”, zegt Managing Director Niels Hower. “Je kunt het daardoor op veel verschillende manieren gebruiken, bijvoorbeeld in visproducten.”
Naast rijst werkt Meatless met verschillende andere plantaardige grondstoffen, waaronder tuinbonen en tarwe. Vooral tuinbonen zijn interessant vanwege hun bijdrage aan biodiversiteit en bodemkwaliteit. Ze worden lokaal geteeld in onder meer Duitsland, België en Frankrijk.
Meerdere problemen oplossen
Hybride producten kunnen een aantal van de problemen rond de vleesindustrie verkleinen, zo legt Hower ons uit. Door een deel van het vlees te vervangen door plantaardige ingrediënten, zijn er minder dieren nodig voor dezelfde hoeveelheid eindproduct. Dat kan de druk op dierenwelzijn en veehouderij verminderen. Ook ligt de klimaatimpact van plantaardige grondstoffen doorgaans lager dan die van vlees, waardoor een hybride product een kleinere CO₂-voetafdruk kan hebben.
De rol van microproteïnen
De goed oplettende lezer denkt het misschien al: rijst en tarwe bevatten relatief weinig eiwit. Hoe kunnen ze dan dienen als basis voor vleesvervangers? Meatless heeft daar een oplossing voor, legt Hower uit. “Rijst bevat inderdaad van zichzelf niet veel eiwitten. De tuinboon zit op zo’n 5 à 6 procent en tarwe iets hoger, maar ook dat is niet bijzonder veel. Daarom ontwikkelen we gemengde oplossingen. We combineren rijst bijvoorbeeld met microproteïnen, waarmee we het eiwitgehalte kunnen verhogen tot 7 procent."
Smaak blijft behouden
Eiwitten genoeg dus. Maar hoe zit het met de smaak? Ik heb inmiddels gemerkt dat het rijstproduct zelf nauwelijks smaak heeft, maar hoe zit dat met de andere producten? Wordt de smaak van een burger of visstick niet anders zodra een groot deel van het product uit plantaardige ingrediënten bestaat?
“Zelfs bij een verhouding van 50-50 blijft de smaak van dierlijk eiwit zo sterk dat je het verschil nauwelijks proeft. Hooguit merk je iets aan de textuur”, stelt Hower.
In de fabriek in Goes blijft het niet bij woorden. Na de rondleiding worden schalen met producten voor ons neergezet. Ik neem een hap van de deels plantaardige visstick. En inderdaad: ik vind hem persoonlijk nauwelijks te onderscheiden van een ‘echte’ visstick.
Acceptatie door de consument
Dan is er nog een uitdaging: de acceptatie door de consument. Zelf ben ik vegetariër, maar ik kan me voorstellen dat iemand die bewust een vleesburger koopt, ook daadwerkelijk een vleesburger verwacht. Heldere communicatie over de samenstelling lijkt me van belang. Ik besluit mijn gedachtespinsels te delen met Hower.
Hij antwoordt: "Als we het hebben over een stuk vlees of vis, is dat inderdaad zo." Hower hoopt dat open communicatie over de samenstelling van hybride producten steeds meer de norm wordt. Als voorbeeld noemt hij Lidl in het Verenigd Koninkrijk, dat onlangs een reeks hybride vleesproducten lanceerde. Aan gehaktballen, burgers en worsten is erwtenproteïne toegevoegd. Lidl positioneert de producten nadrukkelijk als "High Protein" en maakt ook duidelijk dat er plantaardig eiwit in zit.
Toch hoeft die informatie volgens hem niet altijd prominent op de voorkant van de verpakking te staan. "Wie een lasagne koopt, koopt een lasagne als geheel. Dan maakt het minder uit of de gehaktsaus volledig uit vlees bestaat of deels plantaardig is. In zo'n geval kun je ervoor kiezen om dat niet expliciet op de voorkant van de verpakking te zetten."
Alles laten bezinken
Na het bezoek loop ik weer naar buiten en stap ik de bus in. Terwijl die wegrijdt en ik naar buiten tuur, laat ik alles wat ik in de Meatless-fabriek heb gezien en gehoord nog eens bezinken.
Als het aan mij lag, zou de toekomst van ons voedsel volledig plantaardig zijn, met groenten, fruit en producten als vegaburgers in de hoofdrol. Maar die kant gaat het (nog) niet op. We leven met miljarden mensen op deze planeet en iedereen heeft zo zijn eigen ideeën over wat er op zijn bord moet liggen.
Dus in de wereld van nu ben ik blij dat hybride producten bestaan. Geen grote ommezwaai, maar een geleidelijke verschuiving naar meer plant.
