Logo

Philips’ Léon Kempeneers: ‘In de zorg is vertrouwen het product’

AI kan helpen de zorg wereldwijd te verbeteren, maar alleen als de technologie betrouwbaar is.

Published on October 28, 2026

Léon Kempeneers

© Philips

Mauro verruilde Sardinië voor Eindhoven en volgt als GREEN+ expert de energietransitie. Hij vertelt data-gedreven verhalen en maakt series over duurzaamheid.

Zorgstelsels in de meest ontwikkelde landen worstelen met hetzelfde vraagstuk: een vergrijzend en krimpend personeelsbestand moet zorgen voor een oudere bevolking die meer zorg nodig heeft dan ooit. Léon Kempeneers, managing director Benelux en country leader Nederland bij Philips, ziet AI als onderdeel van de oplossing, maar alleen onder één voorwaarde.

“In andere sectoren is vertrouwen misschien een eigenschap van AI,” zegt hij. “In de zorg is vertrouwen het product.”

Zorgprofessionals versterken met AI is op dit moment een van de belangrijkste speerpunten van Philips. Om te peilen hoe zowel zorgverleners als patiënten over AI denken, ondervroeg het bedrijf voor zijn Future Health Index ruim 2.000 zorgprofessionals en 20.000 patiënten in tien landen.

AI: zorgprofessionals optimistisch, patiënten terughoudender

In Nederland is 91% van de zorgprofessionals optimistisch dat AI de uitkomsten voor patiënten kan verbeteren, en 63% zegt dat hun werkprocessen nu al efficiënter zijn geworden. Een kwart bespaart minstens 88 uur per jaar.

“AI kan professionals helpen efficiënter te werken en klinische besluitvorming ondersteunen, waardoor er tijd vrijkomt voor patiënten,” zegt Kempeneers. “Dat maakt volgens mij betere zorg voor meer mensen mogelijk.”

Patiënten zijn terughoudender: slechts de helft van de Nederlandse patiënten deelt dat optimisme. Toch reageren ze nuchter wanneer AI in de spreekkamer opduikt. Slechts 10% van de Nederlandse zorgprofessionals heeft meegemaakt dat een patiënt het vertrouwen in zijn zorg verloor nadat bleek dat AI erbij betrokken was, tegenover 39% wereldwijd.

Schaduw-AI

Toch is niet alles rozengeur en maneschijn. Zo’n 63% van de ondervraagde Nederlandse zorgprofessionals gebruikt eigen AI-tools wanneer de oplossingen op het werk niet aan hun behoeften voldoen. Tegelijkertijd zegt 83% dat AI-training binnen hun instelling ontbreekt, beperkt is of niet structureel wordt aangeboden. Kempeneers maakt zich daar zorgen over: werk invoeren in niet-goedgekeurde tools is precies het soort praktijk dat het vertrouwen kan ondermijnen dat hij zo essentieel vindt.

Zijn oplossing is niet méér nationale regels. “In Nederland hebben we de neiging om het te overdrijven: gold-plating. Dat is niet nodig,” zegt hij. “Laten we ons aan de goede EU-regels houden, samenwerken en stoppen met gold-plating.” Met gold-plating bedoelt hij het stapelen van extra nationale eisen bovenop Europese wetgeving, zoals de AI-verordening (AI Act) en de Europese verordening voor medische hulpmiddelen (MDR), die klinische AI al reguleren.

Binnen dat kader trekt hij een harde grens. Klinische AI is niet generiek, benadrukt hij. Het wordt ontwikkeld voor specifieke klinische behoeften en moet aan bewijseisen voldoen, gevalideerd worden en onder regelmatig toezicht staan voordat het patiënten bereikt. “Alles moet aan de regels voldoen,” zegt hij. “Zo niet, dan moeten we het niet gebruiken.”

Geleid door mensen, aangedreven door AI

Hoe disruptief AI ook is, Philips houdt koers. “We zijn een bedrijf dat geleid wordt door mensen en aangedreven door AI, niet andersom,” zegt Kempeneers. “Technologie is altijd een middel, geen doel.”

Diezelfde gedachte klinkt door in zijn advies aan zorginstellingen die AI willen invoeren en op zoek zijn naar snelle successen. Volgens hem werken de meest gerichte, afgebakende toepassingen het best. “Maak het niet te breed, anders loop je vast,” zegt hij. “Maak het echt concreet, implementeer het en zorg voor de juiste training.”

Als voorbeeld noemt hij SmartSpeed Precise, de AI-software van Philips voor MRI-scans. In het Antoni van Leeuwenhoek, het kankerziekenhuis in Amsterdam, verkortte het systeem de scantijd met 60%: van 23 naar 9 minuten. Hoewel de resultaten per patiënt en onderzoek kunnen verschillen, ging de kortere scantijd niet ten koste van de beeldkwaliteit. Zo kunnen in dezelfde tijd meer patiënten geholpen worden.

Een remedie tegen pilotitis

Een groot deel van Kempeneers’ agenda loopt via het Groeiplan MedTech. Dat is de bijdrage van de sector aan het rapport-Wennink over het toekomstige verdienvermogen van Nederland, opgesteld onder coördinatie van Philips, nog altijd het grootste healthtechbedrijf van het land. Het plan werd afgelopen december gepresenteerd. In juli trok het kabinet €102,5 miljoen uit voor het initiatief, en Philips zegde daar nog eens €50 miljoen bij toe.

In 2035 moet het plan zo’n 11.000 nieuwe banen, €5 miljard extra exportwaarde per jaar en 75 nieuwe startups en scale-ups opleveren. De ambitie is om Nederland in deze sector tot Europese koploper te maken en in de wereldwijde top drie te plaatsen.

Volgens Kempeneers moet Nederland, om echt te groeien, een soort kwaal overwinnen die hij pilotitis noemt: het steeds opnieuw draaien van vergelijkbare pilots die in zijn ogen niet nodig zijn. Als iets werkt in Eindhoven, moeten Groningen, Rotterdam en Maastricht het overnemen in plaats van het wiel opnieuw uit te vinden, vindt hij. “Kopieer het met trots, neem het met trots over, implementeer het in elke regio,” voegt hij toe.

Tegelijkertijd is goede wil alleen niet genoeg om de doelen van het Groeiplan MedTech te halen. “Een coalitie van bereidwilligen is mooi, maar we moeten echt beweging krijgen,” zegt hij. In plaats daarvan pleit hij voor een “coalitie van doeners” van ziekenhuizen, universiteiten, overheid en bedrijven. Geen enkele partij kan het alleen: “Wij kunnen het niet, ziekenhuizen niet, universiteiten niet, de overheid niet, een startup niet. Je moet samenwerken.”

Open deuren

Innovatie blijft de kern van wat Philips doet. Het healthtechbedrijf organiseert die inspanningen rond drie verbonden bedrijfsplatforms: diagnostiek, minimaal invasieve behandeling en monitoring. Externe partners en bedrijven kunnen met hun technologie en middelen op alle drie aansluiten.

Voorbeelden zijn regionale commandocentra die toezicht houden op elke MRI-scanner in een regio, “niet alleen die van Philips”, en thuismonitoringapparatuur van kleinere bedrijven zoals het Eindhovense Healthdot, die aansluit op het monitoringplatform van Philips.

Als voormalig ondernemer met twee kleinere medtechbedrijven kent Kempeneers de dynamiek van die wereld goed, en hij deelt graag advies met beginnende ondernemers. “Focus en onderscheid je,” zegt hij. Alles tegelijk willen doen is voor een startup niet haalbaar, en voor een grote organisatie evenmin verstandig, vindt hij.

Meer zorg

Innovaties eerst in eigen land testen, ze daarna landelijk opschalen en ze vervolgens wereldwijd verkopen: dat is de logica van het plan, dat zowel patiënten als de economie wil dienen. “Als land zouden we veel meer verdienen aan MedTech, en dat kan terugvloeien naar de overheid en naar de zorg,” zegt hij. “Dat is de positieve cirkel die ik zie.”

Ambitieuze doelen zijn makkelijk te stellen; 2035 is nog negen jaar weg. Kempeneers verwacht niet dat alle doelen in één keer binnen zijn. “Het is niet ineens 2035 en dan hebben we alle doelen gehaald; er is een weg naartoe,” benadrukt hij. De voortgang wordt “kwartaal na kwartaal, jaar na jaar” gevolgd. Voor een land dat vatbaar is voor pilotitis is dat misschien de echte test: niet of het plan werkt in één ziekenhuis, maar of het dat in het tiende ook nog doet.