Logo

Patenten zijn geen scorebord

In een serie blogposts geeft Marco Coolen een inkijkje in zijn werk als Nederlands en Europees octrooigemachtigde bij AOMB.

Published on October 11, 2026

BYD

Marco, octrooi-expert bij AOMB sinds 2013, deelt op IO+ zijn expertise op over octrooien: hoe ze werken, waarom ze belangrijk zijn en wanneer ze hun waarde verliezen.

BYD vraagt ongeveer 52 patenten per dag aan.

Dat is een indrukwekkend aantal. Het klinkt als innovatie op topsnelheid. Zeker als je het vergelijkt met Europese autofabrikanten als Volkswagen, BMW en Mercedes-Benz, waar het aantal patentaanvragen per R&D-medewerker duidelijk lager ligt.

Omgerekend zitten die Duitse merken grofweg rond één patent per negen à tien R&D’ers per jaar. BYD komt dichter bij één patent per 6,3 R&D’ers per jaar. Op papier lijkt de conclusie eenvoudig: BYD innoveert harder. Maar zo simpel is het natuurlijk niet. Want wat meet je eigenlijk als je patenten telt?

Marco Coolen, foto © Bart van Overbeeke

Marco Coolen, AOMB. Foto © Bart van Overbeeke

Je meet niet automatisch innovatie. Je meet vooral hoeveel technische ideeën juridisch worden vastgelegd. Dat kan veel zeggen over de intensiteit van R&D, maar het zegt lang niet alles over echte marktimpact.

Tesla

Een bedrijf kan een enorme patentportefeuille opbouwen en toch commercieel weinig voorsprong hebben. Omgekeerd kan een bedrijf relatief weinig patenten aanvragen en toch een hele markt opschudden. Tesla is daar het beste voorbeeld van.

Vergeleken met BYD en de Europese autofabrikanten patenteert Tesla relatief weinig. Toch kun je moeilijk volhouden dat Tesla weinig impact heeft gehad op de auto-industrie. Het bedrijf veranderde de verwachtingen rond elektrische mobiliteit, software-updates, laadinfrastructuur en directe verkoop.

Dat maakt de vergelijking interessant. BYD patenteert veel en diep, mede doordat een groot deel van de ontwikkeling intern plaatsvindt. Batterijen, aandrijflijnen, elektronica, productieprocessen: veel kennis blijft binnen de eigen organisatie. Dan is het logisch dat ook veel van die technische vooruitgang in de eigen patentportefeuille terechtkomt.

Europese autofabrikanten werken anders. Zij bouwen traditioneel op sterke toeleveringsketens. Veel innovatie ontstaat bij gespecialiseerde leveranciers. Daardoor komt een deel van de technische vooruitgang niet op naam van de autofabrikant terecht, maar elders in de keten.

Dat betekent niet dat er minder innovatie is.

Het betekent dat innovatie anders verdeeld is.

En dan is er Tesla, dat laat zien dat impact ook kan voortkomen uit scherpe keuzes, snelheid van uitvoering en een sterk ecosysteem. Niet alles hoeft via een dikke patentportefeuille te lopen. Soms zit de voorsprong in software, productie-aanpak, merk, data, schaal of verticale integratie.

Geen scorebord

Daarom is het gevaarlijk om patentenaantallen als scorebord te gebruiken. Meer patenten betekent niet automatisch betere innovatie. Minder patenten betekent niet automatisch minder voorsprong. De echte vragen zijn interessanter. Waar kun je vrij ontwikkelen? Waar ontstaat commerciële waarde? Waar stapelt juridisch risico zich op? En welke onderdelen van je technologie zijn zó belangrijk dat bescherming noodzakelijk is?

Een patentportefeuille moet geen verzameling trofeeën zijn. Ze moet iets doen. Concurrenten afremmen. Onderhandelingspositie geven. Investeringen ondersteunen. Licenties mogelijk maken. Of vrijheid creëren om een markt te betreden. Patenten zijn dus geen eindstand. Ze zijn hooguit aanwijzingen.

Soms wijzen ze op technische diepgang. Soms op verdedigingsdrang. En soms vooral op een bedrijf dat heel goed is geworden in veel vastleggen. Niet alles wat je kunt tellen, telt echt mee.

De wereld van de octrooien
Serie

De wereld van de octrooien

Aan de hand van Nederlands en Europees octrooigemachtigde Marco Coolen (AOMB) krijgen we een beter inzicht in de wereld van octrooien. Hoe werkt het, waarom zijn ze belangrijk, maar ook: wanneer verliezen ze hun nut?