Logo

Ook na 20 jaar blijft Holst Centre nieuwe industrieën aanjagen

Innovation Day: Holst Centre terug op twee decennia waarin onderzoek werd omgezet in bedrijven, toeleveringsketens en industriële kansen.

Published on June 25, 2026

Ton van Mol and Jesse Robbers, Holst Centre

Ton van Mol and Jesse Robbers, Holst Centre © Bram Saeys

Medeoprichter van Media52 en hoogleraar Journalistiek, bouwt aan IO+, events en Laio, met focus op commerciële kansen—en blijft schrijven voor IO+.

Twintig jaar geleden zag het innovatielandschap van Eindhoven er heel anders uit. Philips was net begonnen met het openstellen van zijn onderzoekscampus voor externe partners en legde daarmee de basis voor wat later de High Tech Campus Eindhoven zou worden. Maar een open campus had ook een organisatie nodig die bedrijven, kennisinstellingen en publieke partners rond gezamenlijke technologische uitdagingen kon verbinden.

Dat werd Holst Centre.

Watt Matters in AI 2026

Tijdens de introductie voor Innovation Day van dit jaar, toepasselijk getiteld Sparking New Industries, plaatsten de managing directors Ton van Mol van TNO en Jesse Robbers van imec het jubileum in dat bredere verhaal. Holst Centre was, zo betoogden zij, nooit bedoeld als een onderzoeksinstituut dat op zichzelf opereert. De rol van het centrum is altijd geweest om technologieën, bedrijven en mensen vroeg genoeg bij elkaar te brengen om iets te laten ontstaan dat uiteindelijk verder kan reiken dan het lab.

“De cijfers spreken voor zich,” zei Robbers tegen de aanwezigen. “Maar naar mijn mening is het belangrijkste cijfer de deelname van het bedrijfsleven.”

Die boodschap liep als een rode draad door de hele introductie. De cijfers van Holst Centre over 2025 zijn aanzienlijk: 60,5 miljoen euro omzet, 280 fte, meer dan 28 nationaliteiten, 54 industriële partners, 73 gefinancierde projecten, 33 octrooiaanvragen en 49 wetenschappelijke publicaties. Voor Robbers zijn die cijfers vooral waardevol omdat ze de kracht van het netwerk erachter laten zien. “We innoveren niet voor onszelf, of alleen voor het onderzoek”, zei hij. “We doen het samen met het ecosysteem, met jullie.”

20 jaar Holst Centre, en nog veel meer te gaan

Tijdens Innovation Day 2026 blikte Holst Centre terug op twee decennia waarin deep-techonderzoek werd omgezet in bedrijven, toeleveringsketens en nieuwe industriële kansen. Het volgende hoofdstuk wordt gevormd door fotonica, gezondheidszorg, batterijen en de ambitie om kritieke technologie in Europa te behouden.

Het jaarlijkse programma van Holst Centre Innovation Day omvatte tientallen lezingen op hoog niveau, panelgesprekken, pitches en demonstraties. In de komende dagen publiceert IO+ meer hoogtepunten van het evenement.

Van onderzoeksprogramma naar industrieel platform

Dat ecosysteem heeft in de eerste twintig jaar van Holst Centre verschillende vormen aangenomen. Wat begon als een samenwerking tussen Philips, TNO, imec en publieke partners, groeide uit tot een brug tussen fundamentele technologie, industriële ontwikkeling en het creëren van nieuwe bedrijvigheid.

Het centrum werkt inmiddels op terreinen die zich zelden netjes van elkaar laten scheiden: gezondheidstechnologie, energiezuinige connectiviteit, edge AI, geïntegreerde fotonica, nieuwe productietechnologieën en energieopslag. Achter die thema’s ligt een gedeelde ambitie: technologie diep genoeg ontwikkelen om haar bruikbaar, produceerbaar en investeerbaar te maken.

De eerste belangrijke lessen kwamen uit flexibele elektronica en displays. Terugkijkend op zijn eerste jaren bij Holst Centre herinnerde Van Mol zich hoe teams van imec, TNO en industriële partners, zoals Philips, Panasonic, DuPont en Agfa, samenwerkten aan OLED-technologie. “Het was één team dat samen door de verschillende technology readiness levels ging”, zei hij. Het resultaat, stelde hij, is technologie die nu verwerkt zit in de displays die mensen elke dag gebruiken.

Dat model staat ook vandaag nog centraal. Holst Centre ontwikkelt niet simpelweg een component en demonstreert ook niet alleen een wetenschappelijk effect. Het probeert de hiaten te identificeren die een veelbelovende technologie ervan verhinderen om uit te groeien tot een werkende markt: productiemethoden, partners in de toeleveringsketen, validatie-infrastructuur, toepassingen en soms zelfs volledig nieuwe bedrijven.

Zorg als proeftuin

De gezondheidszorg is een van de duidelijkste voorbeelden van die aanpak. Een vergrijzende bevolking, stijgende zorgkosten en toenemende personeelstekorten maken preventieve monitoring en zorg aan huis steeds belangrijker. Technologie lost die druk niet in haar eentje op, maar kan zorg wel efficiënter en persoonlijker maken.

Het werk van Holst Centre aan health patches liet zien wat een multidisciplinair ecosysteem kan opleveren. Door flexibele elektronica, materiaalkennis en medische toepassingen te combineren, ontwikkelde het centrum technologie voor het monitoren van vitale functies in ziekenhuizen en thuis. Dat werk vloeide door naar commercialisatieprogramma’s en hielp nieuwe ventures voort te brengen, waaronder bedrijven als Onera, Bloomlife en IconHealth.

De agenda is inmiddels nog breder. Holst Centre werkt aan slimme wondzorg, draagbare echografie, biosensoren, organ-on-chip-systemen, bioprocessing, speckle sensing en uiterst precieze neuromodulatie. De onderliggende ambitie is duidelijk: betere metingen dichter bij de patiënt brengen, terwijl oplossingen praktisch genoeg worden gemaakt voor ziekenhuizen, zorgverleners en zorgsystemen om ze daadwerkelijk toe te passen. “Het is cruciaal voor de kwaliteit van leven”, zei Van Mol, “maar ook voor de efficiëntie.”

Van energiezuinige chips naar infrastructuur voor het AI-tijdperk

De jubileumviering keek ook nadrukkelijk vooruit. Energiezuinige draadloze technologie, edge AI en geïntegreerde fotonica worden steeds meer onderdelen van dezelfde industriële puzzel.

Het ultra-widebandwerk van Holst Centre is bijvoorbeeld gericht op uiterst nauwkeurige afstandsbepaling, sensing en lokalisatie bij een radicaal lager energieverbruik. Dat is niet alleen relevant voor smartphones, maar ook voor robotica, drones, automotive toepassingen, lucht- en ruimtevaart en veiligheid.

Binnen edge AI ontwikkelt het centrum architecturen die conventionele neurale netwerken combineren met neuromorfe computing op één chip. Het doel is intelligentie dichter bij sensoren en apparaten te brengen, op plekken waar beslissingen moeten worden genomen onder strikte beperkingen rond energie, privacy en rekenkracht.

Maar geïntegreerde fotonica is mogelijk het terrein waar de industriële urgentie het duidelijkst zichtbaar is. AI-datacenters groeien snel en hebben in toenemende mate optische verbindingen nodig om data op schaal tussen chips te verplaatsen. Dat creëert vraag naar fotonische chips en, minstens zo belangrijk, naar de productie-infrastructuur die deze chips in volume kan maken.

Van Mol wees op de samenwerking met ASML, die een dag voor Innovation Day werd aangekondigd, als een belangrijke volgende stap. Samen met partners als TNO, imec, Smart Photonics, PhotonDelta, universiteiten en bedrijven uit het hele ecosysteem is het doel om geïntegreerde fotonica van veelbelovende technologie naar serieuze productiecapaciteit in Nederland te brengen. “Als we onze krachten bundelen”, zei Van Mol, “kunnen we de rest van de wereld bijbenen, of zelfs verslaan.”

Deep tech dicht bij huis houden

Die opgave reikt veel verder dan fotonica. Holst Centre ziet dezelfde industriële logica terug in batterijen, geavanceerde coatings, 3D-geprinte elektronica, farmaceutisch printen en chipletplaatsing. Op het gebied van batterijen heeft de technologie al bijgedragen aan ventures als SparkNano, LeydenJar en LionVolt. Een geplande batterijpilotlijn in Helmond moet helpen om productietechnologieën van de volgende generatie in de komende jaren te valideren en op te schalen.

holst centre

De Europese Chips Act is een andere belangrijke pijler. Het PIXEurope-programma van TNO in Eindhoven richt zich op het opschalen van de productie van indiumfosfidefotonica, terwijl de NanoIC-pilotlijn van imec in Leuven werkt aan systemen-op-chip van de volgende generatie. Samen illustreren zij waarom de positie van Holst Centre tussen Eindhoven en Leuven ertoe doet: het centrum maakt deel uit van een verbonden deep-techcorridor, en is geen op zichzelf staand instituut.

Voor Robbers, die iets meer dan een jaar geleden bij Holst Centre begon, is de grootste indruk afkomstig van de mensen achter dat netwerk. “De expertise, de vaardigheden, de manier van werken: het is indrukwekkend”, zei hij. “De manier waarop mensen intern, maar ook met het ecosysteem, samenwerken, vormt het fundament voor de komende twintig jaar.”

Crossovers

De komende decennia brengen nieuwe prioriteiten. Van Mol noemde defensie, productiviteit en robotica als terreinen waarop de technologieportfolio van Holst Centre steeds relevanter kan worden. Robbers benadrukte het belang van crossovers: quantum met fotonica, connectiviteit met nieuwe toepassingen, sensing met zorg, voeding en industriële systemen.

De boodschap van Innovation Day was dan ook niet nostalgisch. Twintig jaar na de oprichting viert Holst Centre niet alleen wat het heeft opgebouwd. Het positioneert zich als een hoeksteen in de toekomstige deep-techtoeleveringsketen: van basistechnologie en chipontwerp tot toepassingen, pilotlijnen, productie en nieuwe ventures.

Of, zoals beide mannen concludeerden: “Twintig jaar later staat Holst Centre nog maar aan het begin.”