Niet de slogan maar de reflex: Peter Kentie's Share The Vibe
Volgens de man achter het Eindhovense merkverhaal zit de echte kracht in mentaliteit: wat je automatisch doet als niemand kijkt.
Published on February 27, 2026

Share the Vibe © Peter Kentie / Eindhoven365
Medeoprichter van Media52 en hoogleraar Journalistiek, bouwt aan IO+, events en Laio, met focus op commerciële kansen—en blijft schrijven voor IO+.
De anekdotes komen vanzelf als je met Peter Kentie aan tafel zit. Over hoe buitenlandse delegaties met open armen worden ontvangen zodra je iets onverwachts toevoegt. Over hoe een startup-ecosysteem fascinerend kan zijn voor mensen die gewend zijn aan ministeries en beleidsnota’s. Over Estland, waar je merkt dat een land zich inmiddels net zo bewust kan “positioneren” als een bedrijf.
Maar ergens halverwege ons gesprek verschuift er iets. We hebben het dan al gehad over earned media, over het voorkomen van merkverwarring tussen Eindhoven, Brainport, Brabant en Nederland, over de misverstanden die “Holland” (“Zuid- of Noord-?”) oproept, over de eeuwige spanning tussen citymarketing en economische lobby. Kentie zucht even, alsof hij dit al honderd keer heeft geprobeerd uit te leggen - en dan komt de kern: hij wil het niet meer hebben over het verhaal van Eindhoven. Hij wil het hebben over het mechanisme erachter.
Niet de merkwaarden. De merkmentaliteit.

Peter Kentie
Share the Vibe
“Share the Vibe” beschrijft vanuit de dagelijkse praktijk van de citymarketingorganisatie Eindhoven365 de gekozen aanpak en creatieve uitwerking. Het was een langjarig en succesvol project met duidelijke doelstellingen en gebaseerd op een even onderscheidende als aansprekende aanpak: cocreatie en open source. Share the Vibe laat in 500 pagina’s zien hoe een industriestad veranderde in een bruisende, innovatieve stad die wereldwijd de aandacht trekt. Peter Kentie, die in 2025 met de titel "ereburger" na 12,5 jaar werken voor zijn stad afzwaaide, schreef dit standaardwerk. Ook na zijn vertrek als directeur van Eindhoven247 en Eindhoven365 blijft hij zich inzetten als consultant voor Eindhoven en de Brainportregio en als consul voor Estland.

Share the Vibe © Peter Kentie / Eindhoven365
Van merkwaarden naar merkmentaliteit
Wie in citymarketing werkt, herkent de valkuil: iedere stad is “innovatief”, “open”, “gastvrij”, “duurzaam”. Vinkjes. Presentaties. Bijpassende stockfoto’s. En vervolgens een merk dat inwisselbaar is.
Kentie zoekt iets anders. Mentaliteit is wat je níet verzint omdat het lekker klinkt, maar wat je terugziet in gedrag. In reflexen. In hoe een stad problemen benadert, hoe mensen samenwerken, hoe ideeën tot stand komen.
Hij vertelt hoe hij dat jaren eerder al aanvoelde bij merken als PSV: er zijn merken die je niet netjes kunt duiden met een academisch model en een lijst met kernwaarden. Het gaat niet om een keurige definitie, maar om energie en om het gevoel dat er “iets” in zo’n gemeenschap zit.
Voor Eindhoven vond hij dat “iets” uiteindelijk in één woord dat alles opentrok: onconventioneel. Niet als gimmick, maar als beschrijving van een hardnekkige eigenschap: waar anderen linksaf gaan, gaat Eindhoven rechtsaf. Niet om dwars te doen, maar omdat het kan. Omdat er makers en ontwerpers zitten die denken: waarom zouden we hetzelfde maken als het al bestaat?
En dat is precies waar citymarketing ineens direct over innovatie en technologie gaat. Want innovatie is zelden het product van een strak plan. Het is iteratie. Frictie. Een onverwachte oplossing. Het vermogen om iets kapot te zien gaan en te denken: mooi, nu kunnen we het beter maken.

Share the Vibe © Peter Kentie / Eindhoven365
Een techhub is ook een gebruikerservaring
Kentie denkt opvallend vaak als een productbouwer. In ons gesprek komt steeds terug hoe belangrijk het is om de stad te bekijken door de ogen van de “klant”, een woord dat hij alles behalve cynisch uitspreekt.
Stel: een engineer uit Bangalore overweegt een baan bij ASML. Die zoekt niet alleen op ASML. Die zoekt op High Tech Campus. Op Eindhoven. Op Nederland. En ergens daartussen zweeft ook nog Brabant en het woord Brainport.
Als die lagen elkaar tegenspreken, creëer je ruis. Verwarring. Een gevoel dat het verhaal niet klopt. En precies dat frustreert Kentie: merkontwikkeling is geen poster, het is een keten. Als de keten breekt, verlies je mensen nog vóórdat ze überhaupt een voet in de stad zetten.
Daarom hamert hij op consistentie. Niet omdat het “mooier” is, maar omdat het functioneel is: een ecosysteem dat talent, bedrijven en investeerders aantrekt, kan zich geen narratieve chaos permitteren.
Waarom open source branding geen spielerei is
Eindhoven werd een internationaal voorbeeld met een aanpak die je eerder uit de techwereld kent dan uit gemeenteland: open source.
Niet het merk dichttimmeren en bewaken, maar vrijgeven. Zodat anderen het kunnen gebruiken, aanpassen, verspreiden. Vibes die overal kunnen opduiken - op events, op posters, in initiatieven - zonder dat er telkens toestemming nodig is.
Het lijkt een creatieve keuze, maar het is in de kern een machtsverschuiving. Je haalt het merk weg bij de organisatie en legt het terug in de stad. En precies daardoor krijgt het merk schaal en eigenaarschap.
Wie de logica van platformen begrijpt, snapt meteen waarom dit werkt: adoptie is belangrijker dan controle. Community is belangrijker dan campagne. En als iedereen het mag gebruiken, gaat het leven.
Earned media als ecosysteemstrategie
Nog zo’n element dat bij Kentie nooit “marketingpraat” wordt: het idee dat je als regio zonder megagrote mediabudgetten moet winnen via verhalen.
Niet roepen dat je innovatief bent, maar zorgen dat anderen het over je gaan zeggen. Internationale media verleiden met concrete, eigenzinnige verhalen: design, technologie, kennis, cultuur, maar vooral de combinatie daarvan. Niet omdat dat “leuk klinkt”, maar omdat het de goedkoopste en krachtigste manier is om wereldwijd top-of-mind te worden.

Share the Vibe © Peter Kentie / Eindhoven365
De echte inzet: menselijkheid naast verdienvermogen
En dan komt het punt waar Kentie ineens veel minder over “branding” praat en veel meer over samenleving.
Eindhoven is succesvol geworden via technologie en industrie. Maar succes heeft een prijs: druk op ruimte, druk op voorzieningen, druk op sociale samenhang. Kentie benoemt hoe je als stad makkelijk in rationele doelen schiet waar niemand tegen kan zijn - denk aan woningen, bereikbaarheid, veiligheid - terwijl het juist zou moeten gaan om iets dat lastiger te meten is: menselijkheid.
Wat betekent een innovatieve stad als mensen elkaar niet meer ontmoeten? Als internationals zich professioneel wel, maar sociaal niet kunnen wortelen? Als brede welvaart achterblijft bij economisch momentum?
Voor Kentie hoort die vraag bij citymarketing, juist omdat citymarketing ooit begon als een poging om trots en verbondenheid te bouwen en niet alleen bezoekers of investeringen te “scoren”. Een stad is geen product dat je optimaliseert tot de conversie perfect is. Een stad is een gemeenschap.
De reflex als kompas
Misschien is dit de bruikbaarste vertaling van Kenties boodschap voor de Brainport-realiteit van nu: Eindhoven heeft zichzelf op de kaart gezet door een mentaliteit die innovatie mogelijk maakt. Maar dezelfde mentaliteit vraagt ook om een volgende stap: niet alleen slim, maar ook sociaal slim. Niet alleen schaal, maar ook samenhang.
En daarom is “merkmentaliteit” meer dan een brandingterm. Het is een kompas. Een manier om koers te houden wanneer de verleiding groot is om terug te vallen op slogans, lijstjes en snelle winst.
Eindhoven werd groot door onconventioneel te durven zijn. De vraag is nu: durft de stad dat ook te zijn als het gaat om menselijkheid, inclusie en brede welvaart, en dat zonder haar technologische motor te verliezen?

Share the Vibe © Peter Kentie / Eindhoven365
De echte test: kan een techregio ook menselijk blijven?
Wat het verhaal van Peter Kentie uiteindelijk zo relevant maakt voor het huidige Brainport-debat dat focust op tweedeling, verschillende snelheden en brede welvaart, is dat het haarscherp laat zien waar de echte spanning zit. Niet tussen marketing en realiteit, maar tussen technologische versnelling en maatschappelijke samenhang. Eindhoven is groot geworden door te doen waar het goed in is: bouwen, maken, verbeteren, opschalen. Die mentaliteit heeft de regio internationale relevantie gegeven, van halfgeleiders tot design, van deeptech tot maakindustrie.
Maar precies die kracht stelt nu nieuwe eisen. Want een ecosysteem dat wereldwijd concurreert op kennis en technologie kan zich niet veroorloven om lokaal draagvlak te verliezen. Innovatie zonder menselijke bedding holt zichzelf uit. Dat is geen morele stelling, maar een strategische: talent blijft alleen waar het zich thuis voelt, waar samenwerking en verbinding vanzelfsprekend zijn en waar vooruitgang niet alleen economisch wordt gemeten.
In dat licht krijgt Kenties nadruk op mentaliteit een bijna politieke betekenis. Niet als ideologie, maar als richtinggevend principe. Eindhoven is geen merk dat je optimaliseert; het is een systeem dat je moet begrijpen. Een systeem waarin technologie geen doel op zich is, maar een middel om een stad leefbaar, aantrekkelijk en veerkrachtig te houden.
Misschien is dat wel de belangrijkste les van Share the Vibe: echte innovatie begint niet bij chips, fondsen of campussen, maar bij de vraag hoe een regio met zichzelf omgaat. Wie die vraag durft te blijven stellen, ook als het economisch goed gaat, heeft meer kans om relevant te blijven dan wie zich blindstaart op groei alleen.
De echte opgave
Uiteindelijk draait het niet om wie het snelst innoveert, maar om wie technologie weet te verbinden met menselijkheid. Eindhoven werd groot door eigenzinnig te durven zijn; de echte opgave is om die mentaliteit vast te houden nu de schaal groter, de druk hoger en de belangen zwaarder worden. Want een regio die alleen nog in groei en efficiëntie denkt, verliest precies datgene wat innovatie mogelijk maakt: mensen die zich er thuis voelen en samen vooruit willen.
