Musici in de machine: platforms en AI hervormen creativiteit
Van Groningen tot São Paulo: Robert Prey en Femke de Rijk brengen de verschuiving in kaart voor kunstenaars in het platformtijdperk.
Published on April 13, 2026
© Musicians at work in the platform and ai era
Medeoprichter van Media52 en hoogleraar Journalistiek, bouwt aan IO+, events en Laio, met focus op commerciële kansen—en blijft schrijven voor IO+.
Op een rustige middag in Groningen uploadt een muzikant een nieuw nummer. Binnen enkele seconden is het wereldwijd beschikbaar. En binnen enkele uren verdwijnt het in de eindeloze stroom aan content.
Deze paradox – wereldwijd bereik, minimale beloning – vormt de kern van nieuw onderzoek van dr. Robert Prey, universitair hoofddocent Digital Culture aan het Oxford Internet Institute, en Femke de Rijk, die samen met Prey onderzoek doet voor het door de ERC gefinancierde PlatforMuse-project. Hun nieuwste werk onderzoekt hoe muzikanten in vijf landen omgaan met streamingplatforms, sociale media en kunstmatige intelligentie.
De belofte en de realiteit van platforms
Streamingplatforms zouden muziek democratiseren. En in zekere zin hebben ze dat ook gedaan. Tegenwoordig zijn de meeste artiesten onafhankelijk en brengen ze hun werk zelf uit, zonder platenlabels. Maar de economische realiteit vertelt een ander verhaal. Van de bijna 1.200 muzikanten wereldwijd die zijn ondervraagd, verdient de meerderheid weinig tot niets aan hun muziek. Meer dan de helft krijgt minder dan € 1.000 per jaar, of helemaal niets.
En toch zijn diezelfde platforms paradoxaal genoeg onmisbaar. Meer dan 80% van de muzikanten zegt dat streaming belangrijk is voor hun carrière. Zichtbaarheid, niet inkomen, is de echte valuta. Het onderzoek legt deze tegenstelling scherp bloot: platforms zijn structureel essentieel, maar economisch ontoereikend.
Nederland: een veelzeggende casus
Als dit als een wereldwijd probleem klinkt, maakt de Nederlandse casus het tastbaar. Gemiddeld verdienen Nederlandse muzikanten iets meer dan hun collega’s in landen als Chili of Nigeria. Maar dat vertaalt zich niet in stabiliteit. De meesten kunnen nog steeds niet leven van alleen muziek. Velen geven les. Anderen hebben bijbanen. Sommigen touren voortdurend om rond te komen. “Het is niet genoeg,” zegt een muzikant in het onderzoek. “Je hebt er iets naast nodig.”
Wat nog meer opvalt, is de houding. Nederlandse artiesten zijn het meest sceptisch over de platformeconomie. Slechts 14% vindt dat hun carrière is verbeterd sinds de opkomst van streaming, terwijl de helft zegt dat het slechter is geworden. In een land met sterke infrastructuur en goede toegang zit de onvrede diep.
© PlatforMuse - Robert Prey and Femke de Rijk
De opkomst van ‘onzichtbare arbeid’
Maar inkomen is slechts een deel van het verhaal. Wat het onderzoek van Prey en De Rijk vooral blootlegt, is een verschuiving in wat het betekent om muzikant te zijn. Muziek maken alleen is niet meer genoeg. De artiest van vandaag moet ook contentmaker, marketeer, communitymanager en data-analist zijn.
"De artiest van vandaag moet ook contentmaker, marketeer, communitymanager en data-analist zijn."
Bijna een kwart van de muzikanten besteedt meer dan de helft van hun werktijd aan niet-muzikale taken, van sociale media tot faninteractie. En die trend versnelt. Bijna 70% zegt nu meer tijd te besteden aan online zelfpromotie dan een paar jaar geleden. Dit is wat Prey en De Rijk platformarbeid noemen: werk dat essentieel is, onbetaald en grotendeels onzichtbaar.
Creativiteit, hervormd door het algoritme
Deze transformatie beïnvloedt niet alleen de werkdruk, maar ook de creativiteit zelf. Maar liefst 95% van de artiesten is het ermee eens dat creatief zijn vandaag de dag ook betekent dat je creatief bent in hoe je jezelf online presenteert. Dat betekent denken in formats (korte video’s, hooks, visuals), inspelen op algoritmische logica en optimaliseren voor aandacht.
Artiesten beschrijven die spanning helder. Ze willen authentiek zijn, maar ook vindbaar. “Ik moet uniek zijn,” zegt een muzikant, “maar wel op een manier die het algoritme begrijpt.” Met andere woorden: creativiteit is niet langer alleen artistiek. Het is strategisch.
AI: hulpmiddel, bedreiging of iets anders?
En dan is er de volgende golf: generatieve AI. Hier is de stemming eerder voorzichtig dan alarmistisch. De meeste muzikanten gebruiken AI niet om hun werk te vervangen, zeker niet als het gaat om interactie met fans. Bijna 90% automatiseert communicatie niet.
In plaats daarvan wordt AI gebruikt als hulpmiddel voor ideeontwikkeling, productieondersteuning of planning en organisatie. Sommigen zien het als versterkend. Anderen vrezen homogenisering – “een kopie van een kopie,” zoals een respondent het verwoordt. Maar in alle landen blijft één overtuiging overeind: AI mist iets essentieels – verbinding.
Een nieuw model van kapitalisme
Als je uitzoomt, krijg je een groter beeld. Het onderzoek van Prey en De Rijk gaat niet alleen over muziekplatforms. Het laat een bredere verschuiving zien in de manier waarop waarde wordt gecreëerd in de digitale economie. Artiesten produceren niet alleen nummers, maar ook data, engagement, aandacht en complete content-ecosystemen. Platforms vangen en monetariseren die waarde, terwijl makers moeite hebben om die waarde om te zetten in inkomen.
Dit is kapitalisme in zijn platformvorm:
- wereldwijd bereik zonder zekerheid
- zichtbaarheid zonder beloning
- creativiteit zonder controle
Tussen kans en afhankelijkheid
En toch kunnen muzikanten niet uitstappen. Zelfs de meest kritische stemmen in het onderzoek blijven platforms gebruiken. Want niet aanwezig zijn betekent niet bestaan, althans professioneel gezien. Dat is de ultieme paradox.
Streaming en sociale media hebben de deur geopend naar een wereldwijd publiek. Maar ze hebben artiesten ook opgesloten in een systeem waarin succes afhankelijk is van constante zichtbaarheid, eindeloze zelfpromotie en steeds meer aanpassing aan algoritmes.
Voor Nederlandse muzikanten en hun collega’s wereldwijd is de vraag niet langer of ze meedoen, maar hoe ze overleven.
De diepere vraag
Het onderzoek van Prey en De Rijk laat ons achter met een bredere, ongemakkelijke vraag: als zelfs muzikanten – het archetype van creatieve onafhankelijkheid – worden meegezogen in dit systeem van voortdurende optimalisatie en onzeker inkomen… wat zegt dat dan over de toekomst van werk voor iedereen?
