Hoe Aerlijn het Europese luchtruim wil beveiligen
Aerlijn schakelt Oekraïense ingenieurs met oorlogservaring in om betaalbare drone-onderscheppers te bouwen.
Published on March 10, 2026

Onze DATA+ expert en hoofdredacteur Elcke Vels duikt in AI, cyber security en innovatie. In haar ‘What if…’ column verkent ze gedurfde scenario’s buiten de status quo.
Het Europese luchtverdedigingssysteem staat voor een uitdaging. Een raket van miljoenen afvuren om een goedkope drone neer te halen is financieel en logistiek onhoudbaar. Toch gebeurt dat in Europa. De Amsterdamse defensiestartup Aerlijn zegt een beter alternatief te hebben. Het bedrijf ontwikkelt betaalbare systemen om vijandelijke drones te onderscheppen. Europese techniek wordt daarbij gecombineerd met operationele kennis uit de Oekraïense oorlog. IO+ sprak met oprichter Mykyta Aleksandrov.
De kernvraag van moderne luchtverdediging is niet alleen of je een doel kunt raken. Maar ook: is het een financieel haalbare oplossing? Traditionele systemen zijn inefficiënt. Aleksandrov is duidelijk over zijn missie: hij wil Europa beschermen op een betaalbare manier. En dat is nodig. Rusland valt niet alleen Oekraïne aan, maar is ook steeds actiever in het Europese luchtruim. Dat zet de veiligheid onder druk.
280 tot 300 kilometer per uur
Aerlijn presenteert daarom een eigen onderscheppingsdrone: de Nightmare V3. Het systeem is inmiddels beschikbaar voor demonstraties in de EU. De drone werd getest met de Oekraïense R&D-partner ODIN Project. De interceptor kan aanvalsdrones van klasse 1 en 2 onderscheppen met snelheden van circa 280 tot 300 kilometer per uur. Aan boord zitten onder meer een langegolf-infraroodcamera, automatische doeltracking tot 800 meter, een tactisch bereik van zo’n 10 kilometer en een operationeel plafond boven de 6 kilometer.
De mens in de lus
De besturing is semi-automatisch. De mens blijft bewust in de lus, zegt Aleksandrov. “De operator stuurt de interceptor naar de pixelcluster van het doelwit. Daarna neemt het systeem de laatste fase over.”
Succesvolle onderscheppingen
Aerlijn heeft al meerdere succesvolle onderscheppingen gedaan. Oekraïense brigades hebben het systeem ingezet en goedgekeurd. Het bedrijf schaalt nu de productie in Europa op. Het systeem haalde al Shahed-, Gerbera- en Lancet-drones uit de lucht.
Kloof tussen ontwerp en praktijk
De aanpak van Aerlijn rust op samenwerking tussen twee landen. Dat moet een bekend probleem in defensie-innovatie oplossen: de kloof tussen ontwerp en praktijk. Oekraïne levert de operationele ervaring. Nederland vertaalt die naar een product dat schaalbaar en industrieel te produceren is. Zo moet het systeem niet bij een prototype blijven, maar uitgroeien tot een exporteerbare technologie.
Meerdere systemen
Volgens Mykyta Aleksandrov bestaat er geen universele oplossing voor luchtverdediging. Daarom werkt Aerlijn aan meerdere systemen, waar hij nog niet veel over kan zeggen. “Verschillende dreigingen vragen om verschillende producten, elk met hun eigen operationele context en technische eisen.”
De aanpak is volgens hem pragmatisch: bestaande systemen gericht aanpassen. “Met minimale technische ingrepen proberen we de effectiviteit in nieuwe scenario’s flink te vergroten.”
Technologische ontwikkeling: batterijen
De komende tijd richt Aerlijn zich onder meer op betere batterijtechnologie. De prestaties van een elektrische interceptor – bereik, snelheid en loitertijd – worden grotendeels bepaald door de energiedichtheid van de batterij.
Aleksandrov zegt dat Aerlijn nieuwe batterijchemie in Europa onderzoekt. “Door de toeleveringsketen naar Europa te verplaatsen, verklein je ook de afhankelijkheid van leveranciers buiten de NAVO.”
De nabije toekomst
Er staan spannende dingen te gebeuren. De komende tijd ligt de nadruk voor Aerlijn op het voldoen aan Europese regels en certificering, aldus Aleksandrov.
“Een systeem ontwikkelen is één ding. Het operationeel krijgen in heel Europa is een stuk ingewikkelder.” De regels van European Union Aviation Safety Agency vereisen uitgebreide veiligheidsbeoordelingen. Volgens de oprichter duurt het zes maanden tot een jaar voordat het systeem volledig operationeel kan worden in Europa.
In Oekraïne kan het nieuwe systeem al binnen drie maanden worden ingezet.
