Logo

Dijsselbloem: TenneT-verkoop biedt kans voor innovatie

Dijsselbloem, burgemeester van Eindhoven, en FME-voorzitter Theo Henrar willen TenneT-aandelenverkoop als startkapitaal voor innovatie.

Published on March 16, 2026

power

Stroommast © Pixabay

Masterstudente journalistiek aan de RUG, stagiair bij IO+, schrijft graag over de integratie van AI in het dagelijks leven

Nederland verkoopt zijn aandelen in de Duitse tak van netbeheerder TenneT. Het kabinet moet beslissen wat er met deze miljardenopbrengst gebeurt. Vanuit de techsector en politiek klinkt de oproep om een Nationale Investeringsinstelling (NII) op te richten: een staatsbank die voorkomt dat Nederlandse technologie naar het buitenland vertrekt.

De miljarden van TenneT

In september 2025 ging 46% van de aandelen naar private investeerders voor maximaal €9,5 miljard. In 2026 volgt de verkoop van 25,1% aan de Duitse staat via investeringsbank KfW, goed voor circa €3,3 miljard. 

De burgemeester van Eindhoven Jeroen Dijsselbloem en FME-voorzitter Theo Henrar pleiten ervoor het bedrag dat overblijft te gebruiken als startkapitaal voor een NII. Dijsselbloem geeft aan in een artikel van De Telegraaf dat de verkoop “enkele tientallen miljarden” kan opleveren. Met minimaal €10 miljard eigen vermogen kan via financiële hefboomwerking meer dan €100 miljard aan investeringsruimte ontstaan.

Waarom bestaande fondsen niet volstaan

Nederland heeft innovatiefondsen, maar die missen schaal. Het Nationaal Groeifonds investeert ruim €11 miljard in projecten, maar biedt vooral subsidies en weinig risicokapitaal. 

Financierings- en ontwikkelingsinstelling Invest-NL helpt ondernemers maar heeft met iets meer dan €1 miljard te weinig slagkracht voor grote industriële projecten. Volgens Henrar in de Telegraaf zijn voorbeelden als de Duitse KfW en de Franse BPI veel krachtiger. 

Vertrekkende technologiebedrijven

Veel Nederlandse deeptechbedrijven – bijvoorbeeld in fotonica, kunstmatige intelligentie en defensietechnologie – hebben grote investeringen nodig om op te schalen. Een pilotfabriek voor fotonische chips kan bijvoorbeeld al €150 miljoen kosten. Dat kapitaal is in Europa vaak moeilijk te vinden. Daardoor vertrekken bedrijven naar landen waar investeerders wel miljarden beschikbaar hebben, zoals de VS of Azië. Dit leidt tot verlies van inkomsten én controle over strategische technologie. 

Onafhankelijke staatsbank

Volgens Henrar moet voor een succes de NII politiek onafhankelijk opereren, naar voorbeeld van het KfW en BPI. De politiek bepaalt de missie, maar mag zich niet bemoeien met individuele investeringen. Toezicht door De Nederlandsche Bank moet daarom stabiliteit garanderen.

Kritiek

Volgens het Instituut voor Publieke Economie moet eerst duidelijk zijn welk marktfalen de bank oplost. Investeringen mogen niet concurreren met de financiering die de markt al levert. De NII moet daarom alleen investeren in projecten met een sterke businesscase en een marktconform rendement, bijvoorbeeld in energietransitie, circulaire chemie en defensie.