De cijfers van ASML zijn geen incident. Ze zijn een aankondiging
Voor de regio Brainport Eindhoven fungeren ASML’s resultaten minder als een scorebord en meer als een planningshorizon.
Published on January 30, 2026

ASML Campus in Veldhoven
Medeoprichter van Media52 en hoogleraar Journalistiek, bouwt aan IO+, events en Laio, met focus op commerciële kansen—en blijft schrijven voor IO+.
Toen ASML woensdag zijn nieuwste cijfers publiceerde, richtten de koppen zich op het voor de hand liggende: recordboekingen, orders die de verwachtingen ruimschoots overtroffen en een omzetprognose die analisten dwong hun modellen haastig bij te stellen. Alleen al in het vierde kwartaal werd voor €13,2 miljard aan orders geboekt, gedreven door AI-vraag die niet langer speculatief maar contractueel is vastgelegd. Indrukwekkend, zeker. Maar wie dit ziet als zomaar een kwartaalverrassing, mist wat er werkelijk gaande is.
Dit is geen piek. Dit is een structurele verschuiving.
Voor de regio rond ASML, en in het bijzonder voor Brainport Eindhoven, fungeren deze cijfers minder als een scorebord dan als een planningshorizon. Ze hertekenen de kaart van een industrieel ecosysteem dat zich al in een ongekend tempo uitbreidt.
Een toeleveringsketen die zich gedraagt als een systeem
ASML bouwt zijn machines niet alleen. Zo'n 5000 bedrijven zijn direct of indirect verbonden aan de toeleveringsketen, verspreid over Nederland en ver daarbuiten. Namen als VDL, Prodrive Technologies en Carl Zeiss zijn bekend. Honderden andere niet. Kleine precisiebedrijven, mechatronicaspecialisten, softwarefirma’s, cleanroombouwers, logistieke dienstverleners: vaak onzichtbaar, maar absoluut essentieel.
Wat dit netwerk onderscheidt, is niet de omvang maar de diepgang. Dit zijn geen leveranciers op afstand die reageren op inkooporders. Het zijn co-ontwikkelaars van technologie, sommigen bestonden vijf jaar geleden nog niet eens. Ingenieurs bewegen over bedrijfsgrenzen heen alsof het interne afdelingen zijn. Faciliteiten zijn bij elkaar bekend. Roadmaps worden jaren vooruit op elkaar afgestemd.
Zo’n mate van integratie ontstaat niet van de ene op de andere dag. Het is het resultaat van decennia van vertrouwen, gedeeld risico en wederzijdse afhankelijkheid. En het betekent dat wanneer ASML’s orderboek “explodeert”, de schokgolf niet chaotisch is, maar richtinggevend.
Van onzekerheid naar toestemming om te investeren
De CEO van ASML merkte op dat klanten een “sterk geloof hebben dat de AI-vraag reëel is” en zich voorbereiden op “een forse capaciteitsuitbreiding” tot en met 2026 en daarna. Op papier klinkt dat als voorzichtige bedrijfstaal. Op de werkvloer vertaalt het zich in iets veel concreters.
Het geeft leveranciers toestemming.
Toestemming om ingenieurs aan te nemen waar ze eerder over twijfelden. Toestemming om nieuwe apparatuur te bestellen met terugverdientijden van meerdere jaren. Toestemming om cleanrooms, productielijnen en R&D-teams uit te breiden. Toestemming om te stoppen met optimaliseren voor overleving en te beginnen met optimaliseren voor groei.
In maakindustrie-ecosystemen is vertrouwen een hulpbron. En dat vertrouwen is precies wat deze prognose levert. De vooruitzichten van één bedrijf zorgen plots voor stabiliteit op duizenden balansen en in evenzovele investeringsbeslissingen.
Brainport, nu al onder druk, krijgt het nog sterker voor de kiezen
Dit alles gebeurt op een moment waarop de economie van Brainport Eindhoven al kraakt in haar voegen. De plannen van ASML om vier nieuwe campusfaciliteiten te ontwikkelen en met naar schatting 20.000 medewerkers te groeien, zijn geen abstracte toekomstbeelden meer; ze maken deel uit van dagelijkse gesprekken in gemeentehuizen, bestuurskamers en woonkamers in de hele regio. Naar Europese maatstaven - en steeds vaker ook wereldwijd - is Brainport booming.
Maar dat succes gaat gepaard met een gevoel dat veel inwoners inmiddels herkennen: versnelling zonder pauze.
Woningtekorten zijn geen beleidsdiscussies meer, maar dagelijkse realiteit. Jonge gezinnen vragen zich af of ze ooit nog een huis kunnen kopen in de gemeenschap waar ze zijn opgegroeid. Leraren, verpleegkundigen en politieagenten wonen steeds vaker buiten de regio omdat het simpelweg te duur wordt om dichtbij te blijven. Wegen die vijf jaar geleden druk waren, staan nu structureel vast. Uitbreidingen van het openbaar vervoer helpen, maar houden zelden gelijke tred met de vraag. Zorg- en onderwijssystemen draaien op volle capaciteit en worden vaak extra belast door dezelfde internationalisering die het succes van Brainport voedt.
Wat dit moment anders maakt, is niet alleen de schaal van de groei, maar het besef dat de regio op het punt staat hier nog een schep bovenop te doen. De nieuwe golf van industriële expansie, gedreven door structurele vraag naar halfgeleiders en AI-infrastructuur, betekent dat wat nu al krap voelt, eerst nóg krapper wordt voordat het beter wordt. Overheden op gemeentelijk, regionaal en nationaal niveau zitten niet stil. Woningbouwagenda’s worden versneld, mobiliteitsplannen herzien en investeringen in scholen en zorg opgeschaald. Toch groeit onder inwoners een diepere zorg: zal de regio Eindhoven over vijf of tien jaar nog als thuis voelen? Blijven gemeenschappen herkenbaar, betaalbaar en hecht?
Dit zijn geen argumenten tégen groei. Het zijn signalen van een regio die zich bewust wordt van haar eigen succes en worstelt met wat dat betekent. De uitdaging is nu niet óf Brainport moet groeien, maar hoe die groei zo kan worden vormgegeven dat de sociale samenhang gelijke tred houdt met de economische kracht. Dat is de echte test of deze bloeiperiode kan uitgroeien tot iets duurzamers: een model van welvaart waar mensen niet alleen van profiteren, maar ook in blijven geloven.
Het verschil tussen een golf en een traject
Er bestaat, zeker in Europa, een neiging om industrieel succes als kwetsbaar te beschouwen: iets dat beschermd moet worden tegen oververhitting, arrogantie of teleurstelling. Die reflex is begrijpelijk, maar kan ook leiden tot onderreactie.
De cijfers van ASML laten zien dat de Brainportregio niet langer op een tijdelijke golf surft. Ze bevindt zich op een traject. De AI-boom drijft niet alleen waarderingen op; hij vertaalt zich in fabrieken, machines, banen en langetermijnverplichtingen.
Dat verschuift verantwoordelijkheden. Niet alleen voor ASML, maar ook voor overheden, gemeenten, onderwijsinstellingen en zorgorganisaties. Plannen maken kan niet langer reactief zijn. Woningbouw, mobiliteit, talentontwikkeling en publieke voorzieningen moeten met deze schaal in gedachten worden ontworpen, anders dreigen ze de bottleneck te worden in een ecosysteem van wereldklasse. De Beethoven-gelden - hoe omvangrijk ook - zullen daarvoor niet toereikend zijn.
Redenen voor optimisme
Ondanks de druk zou optimisme de boventoon moeten voeren. Europa krijgt zelden industriële succesverhalen van deze omvang die tegelijk mondiaal relevant en lokaal verankerd zijn. Brainport heeft er één. En in tegenstelling tot veel techhypes is deze geworteld in fysieke productie, technologische excellentie en een diep verweven toeleveringsketen.
Het ecosysteem rond ASML heeft bewezen dat het complexiteit kan absorberen, op grote schaal kan samenwerken en kan innoveren onder extreme voorwaarden. Diezelfde kwaliteiten zijn nodig om de sociale en infrastructurele gevolgen van succes in goede banen te leiden.
Als we dit moment niet zien als een incident dat moet worden verklaard, maar als een aankondiging waarop moet worden gehandeld, dan vormen de recordcijfers van deze week het fundament voor de veerkracht van morgen.
De machines worden misschien in cleanrooms gebouwd. Maar de toekomst die ze mogelijk maken, wordt opgebouwd door een hele regio.
