Logo

Brabantse ecosystemen die economische ruimte maken voor het land

Otto Raspe en Brigit van Dijk - van de Reijt duiden de laatste economische inzichten voor Brabant.

Published on March 6, 2026

secfund BOM

© BOM

Team IO+ selecteert en brengt de belangrijkste nieuwsverhalen over innovatie en technologie, zorgvuldig samengesteld door onze redactie.

De Brabantse economie is krachtig, maar staat ook voor grote veranderingen. Otto Raspe en Brigit van Dijk - van de Reijt duiden de laatste economische inzichten voor Brabant. Hoe groot is de afhankelijkheid van ASML? Wat betekent het rapport van Peter Wennink voor de regio? En hoe bouwen we Brabant-breed aan sterke ecosystemen?

Wie alleen naar groeicijfers kijkt, ziet een regio die het goed doet. Brabant groeit, Brainport zelfs uitzonderlijk hard. Toch wringt er iets, stellen Otto Raspe en Brigit van Dijk - van de Reijt. Raspe is hoofdeconoom bij Rabobank en hoogleraar brede welvaart & regionale economie. Van Dijk - van de Reijt is macro-econoom en CEO van de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM). Economische groei is geen doel op zichzelf, zeggen zij. De vraag is wat die groei voortbrengt en of zij voldoende basis legt voor toekomstige welvaart.

Om die welvaart op peil te houden, moet Nederland structureel minimaal anderhalf procent groeien per jaar. Dat niveau halen we al jaren niet, zo stelt voormalig ASML-topman Peter Wennink in zijn rapport 'De route naar toekomstige welvaart' dat eind vorig jaar verscheen.

De kern van het probleem zit volgens Wennink in de afnemende productiviteitsgroei. Die constatering vormt ook het vertrekpunt van de meest recente regioprognoses van RaboResearch, de onderzoeksafdeling van Rabobank die analyses, inzichten en prognoses publiceert over de economie. Uit de prognoses blijkt dat slechts een beperkt aantal regio’s in Nederland langdurig boven dit noodzakelijke groeitempo uitkomt.

Hoogproductieve banen als motor van groei

Groot-Amsterdam, Groot-Rijnmond, Utrecht en Brainport zijn de belangrijkste dragers van economische groei in Nederland. De laatste 30 jaar springen vooral Groot-Amsterdam en Brainport eruit als de snelst groeiende regio’s van het land.

Dat komt omdat daar hoogproductieve banen zijn toegevoegd. Banen met een hoge toegevoegde waarde per werknemer. In Amsterdam gaat het vooral om kennisintensieve diensten, in Zuidoost-Brabant om hightech en maakindustrie rond bedrijven als ASML, Philips, NXP, Signify, Thermo Fisher en VDL. Rond die bedrijven groeiden ecosystemen die productiviteit dragen en daarmee economische ruimte creëren voor de rest van het land.

De dominantie van ASML

Die uitzonderlijke positie vraagt om nuance. De dominantie van ASML werkt door in vrijwel alle statistieken van Zuidoost-Brabant. Als de groeiverwachtingen van de Veldhovense chipmachinefabrikant veranderen, beweegt de hele regio mee. "We moeten ons realiseren dat die afhankelijkheid er is. Dat vraagt niet om minder ambitie in semicon, maar om het versneld versterken van andere Brabantse ecosystemen, zoals medtech, farma en plantbased", zegt Van Dijk - van de Reijt.

Tegelijk is Brainport minder monolithisch dan soms gedacht. Onderzoek van Brainport Development laat zien dat de halfgeleiderindustrie nu goed is voor ongeveer een kwart van de toegevoegde waarde en zeven procent van de werkgelegenheid in de regio. Dat aandeel groeit, maar is niet te vergelijken met de historische dominantie van Philips of DAF. De vraag is dus niet of ASML te groot is, maar of andere sectoren ook stappen kunnen zetten.

Verwante variatie

Raspe benadrukt daarbij het belang van samenhang tussen sectoren. Diversiteit op zichzelf is niet voldoende. Een economie waarin sectoren langs elkaar heen leven, leert weinig. Juist verwante variatie met sectoren die technologisch dicht bij elkaar liggen, maakt een regio innovatief en veerkrachtig. Raspe: “Innovatie ontstaat vaak op de kruispunten tussen technologieën.”

Dat in de Brabantse economie veel van dat soort verwante variatie zit, en dus potentie voor diversificatie en groei, blijkt uit het feit dat Brabant bovengemiddeld actief is in zeven van de tien sleutelgebieden uit de Nationale Technologie Strategie (NTS). Daarin staan technologieën die cruciaal zijn voor het toekomstige verdienvermogen van Nederland. “Denk aan Brabantse bedrijvigheid binnen de domeinen mechatronica, kunstmatige intelligentie en data, cyberveiligheid, optische systemen en geïntegreerde fotonica bijvoorbeeld”, zegt Van Dijk - van de Reijt. “Maar ook op het gebied van biotech en medtech zijn we relevant. De aanwezigheid van meerdere sleuteltechnologieën in Brabant geeft ons de mogelijkheid gericht te bouwen aan nieuwe combinaties en toepassingen.”

Van intellectueel eigendom naar economische waarde

Een cruciale schakel in de versterking van het Brabantse verdienvermogen is de vertaalslag van kennis naar markt. Brabant scoort al jaren hoog op de ontwikkeling van nieuw intellectueel eigendom, mede dankzij universiteiten en onderzoeksinstituten met een sterke internationale reputatie, en de nalatenschap van Philips. Juist in Brabant speelt het bedrijfsleven hierin een belangrijke rol. In 'De route naar toekomstige welvaart' benadrukt  Wennink dat deze kennisbasis de sleutel is tot toekomstige productiviteitsgroei.

Raspe wijst daarbij op het rendement van investeren in onderzoek en ontwikkeling. “De multiplier van R&D-investeringen ligt rond de 2 tot 2,5 procent. Dat betekent dat iedere euro die je daarin stopt, zich ruim terugverdient.”

Maar die opbrengst komt niet vanzelf. Als ideeën blijven hangen in het lab, blijft de maatschappelijke winst uit. “We zien dat de vertaalslag van intellectueel eigendom naar de markt al jaren te langzaam gaat en soms zelfs stokt”, zegt Van Dijk - van de Reijt. “Dat is een risico. We spuwen als Brabant wel IP uit, maar we moeten zorgen dat die ideeën ook tot wasdom komen.”

Daarvoor is ondernemerschap essentieel. Startups en scale-ups valideren kennis, maken deze toepasbaar en brengen innovaties uiteindelijk naar de markt. Daarnaast is een internationaal opererend mkb nodig om de economische basis te verbreden. Dat is ook de route om de afhankelijkheid van enkele grote spelers te verkleinen, zonder hun rol te ondermijnen.

“Intellectueel eigendom is pas waardevol als het wordt omgezet in bedrijvigheid”, zegt Van Dijk - van de Reijt. “Dat vraagt om ecosystemen waarin ondernemers, kennisinstellingen en investeerders elkaar weten te vinden.”

Plantbased als economische strategie

Een illustratief voorbeeld van ecosysteemontwikkeling is volgens Raspe en Van Dijk - Van de Reijt de plantbased-strategie in West-Brabant. Hier vormt zich onder meer op initiatief van BOM een cluster rond innovatieve plantaardige ingrediënten, voortkomend uit een sterke agrofoodtraditie.

Bedrijven als Protix, The Protein Brewery en Revyve groeien internationaal en trokken recent aanzienlijke investeringen aan. Die laatste twee stonden met investeringen van respectievelijk 30 en 24 miljoen euro zelfs in de top tien van grootste investeringsrondes in Nederland in het derde kwartaal van 2025.

Maar we zijn er nog lang niet, zegt Van Dijk - van de Reijt. “Wat we nodig hebben, is schaal. Het is een lastige markt. Er is nog te weinig vraag vanuit de consument, terwijl iedereen weet dat de productie van dierlijke vetten omlaag moet, of op zijn minst niet moet groeien, ook met het oog op het stikstofprobleem. Er zou meer sturing mogen komen vanuit de overheid om de voedseltransitie te versnellen.”

Raspe plaatst deze ontwikkeling in een bredere economische context. “In de literatuur over clusterontwikkeling zie je dat nieuwe sectoren vaak een zet nodig hebben tot ze een kantelpunt bereiken. Tot dat tipping point is overheidsondersteuning essentieel, bijvoorbeeld via kennis en financiering.” Daarna kan een ecosysteem op eigen kracht doorgroeien.

Noordoost-Brabant en de organisatie van potentie

Ook Noordoost-Brabant beschikt over sterke economische fundamenten. De regio, met zwaartepunten in Den Bosch, Oss, Uden en Veghel, speelt een zichtbare rol in internationale waardeketens binnen machinebouw, agrifood, logistiek en farma. Die internationale oriëntatie maakt Noordoost-Brabant economisch relevant.

Maar het potentieel wordt niet volledig benut. Uit analyses van RaboResearch blijkt dat de uitdaging minder zit in de economische basis zelf en meer in de samenhang. Bestuurlijke versnippering en een relatief losse verbinding tussen grote bedrijven en het mkb remmen de doorontwikkeling van het ecosysteem. Een mogelijke verklaring is dat het eigendom en daarmee de beslismacht van internationale bedrijven niet altijd in de regio ligt.

Dat vraagt om gericht ecosysteemwerk, stelt Van Dijk - van de Reijt. “De ondernemende geest is er. Nu gaat het om focus en het beter verbinden van de sterke internationale positie van bedrijven in Noordoost-Brabant met regionale kennis en ondernemerschap.”

Defensie en dual-use

Een domein waar heel Brabant, van west tot oost, een kansrijke positie heeft, is defensie. De regio kent een hoge concentratie aan defensieterreinen en toeleveranciers. Toenemende Europese defensie-investeringen kunnen, mits goed ingericht, een significante economische impuls geven.

Er is wel een aantal randvoorwaarden waaraan voldaan moet worden, blijkt uit onderzoek van RaboResearch, bijvoorbeeld het oplossen van de arbeidsmarktkrapte. Raspe: “Als je vol op defensie inzet, kan dat ten koste van gaan andere sectoren die ook krapte ervaren en zie je minder economische effecten.”

Uit het onderzoek dat collega’s van Raspe deden blijkt dat diverse Nederlandse bedrijven succesvol zijn vanwege de ontwikkeling en toepassing van dual use-innovaties, die zowel civiel als militair van meerwaarde kunnen zijn. Bijvoorbeeld dronedetectiesystemen, snellere en goedkopere medicijnontwikkeling of veilige data- en communicatie-uitwisseling.

“Via het door BOM beheerde landelijke SecFund investeren we risicokapitaal in nieuwe technologieën die zowel civiel als militair toepasbaar zijn. Zo versterken we het innovatievermogen van defensie voor betere weerbaarheid”, zegt Van Dijk - van de Reijt. “Vanuit deze dual-use-strategie zien we kansen om defensie te combineren met andere domeinen, zoals medische technologie, sensoren, fotonica en kunstmatige intelligentie.”  Het SecFund, een samenwerking met het ministerie van defensie, startte in april vorig jaar en deed tot dusver zes investeringen verspreid over Nederland.

Consistent beleid

Duurzame economische groei is zelden het resultaat van sectorbeleid alleen, concluderen Raspe en Van Dijk - van de Reijt; het gaat minstens zozeer om het belang van omstandigheden waaronder bedrijven, kennisinstellingen en overheden samenwerken. Arbeidsmarkt, kennisinfrastructuur en toegang tot kapitaal en internationale netwerken bepalen of regio’s hun potentieel daadwerkelijk kunnen verzilveren. En laat dat nou net ook de analyse zijn van Wennink, die pleit voor consistent beleid gericht op productiviteit, kennisontwikkeling en technologische vernieuwing.